https://archiefpunt.be/tentoonstellingen/leonspanoghe/deel3.html
zaterdag 13 november 2021
oorlog
zaterdag 10 juli 2021
Van Puyvelde: oorlogswerken
(46-60)
Een uitvoeriges tudie over De Bruycker zal eerlang in dit tijdschrift verschijnen, met afbeeldingen der hier besprokenwerken. RED.OnzeKunst.Jaargang16
Allen blijven zij al dus werken naar hun aard en trant. Jules de Bruycker's humor vindt zijn gading in de groezeling van verneukelde menschen bij de krollenwoningen te Londenen zijn lust naar de monumentalelijn en rhythmieken versmoezelde lichtspeling, die hij in ons oude Gent nooit genoeg kon botvieren,weet hij genoegdoening te verschaffen in het eerbiedwaardige Oxford.
vrijdag 8 januari 2021
Breugel: Triomf van de Dood
PSPieter Bruegel de Oude, Triomf van de Dood (1562).Een bewerking van het populaire motief van de dodendans aansluitend bij de schilderijen van Jheronimus Bosch.“Het schilderij stelt een panorama voor waarop een leger van geraamtes door een verwoest landschap trekt. Op de achtergrond zijn bosbranden en een zee met scheepswrakken te zien. De skeletten vallen de levenden aan die proberen weg te vluchten of proberen terug te vechten. In de linkerbenedenhoek een wagen vol schedels voorgetrokken door een uitgemergeld paard. In de linkerbovenhoek twee geraamtes die een bel luidden. Dit staat voor het einde van de wereld, dat de oordeelsstijd is gekomen. In de rechterbenedenhoek bespeelt een man de luit, achter hem een vrouw en een geraamte dat meespeelt. In het midden is een hond afgebeeld die aan het gezicht van het kind knabbelt. In het midden van het schilderij staat een kruis dat als val is opgezet, want allen die erheen gaan worden gedood door een geraamte met een zeis. Een skelet bespeelt de mensen door zich voor te doen als een draailier, maar met zijn kar verplettert hij ze. Een vrouw is gedaald in het pad van de kar des doods. Ze heeft in haar hand een spindel en spinrok, wat de broosheid van de mens symboliseert. Net onder de vrouw wordt een kardinaal vermoord door een skelet die zijn mijter draagt. Een dode koning ligt erbij, wiens gouden munten worden gestolen door een ander geraamte. Op het schilderij zijn allemaal menselijke verschrikkingen afgebeeld zoals moordlust, demonen en angst. Het schilderij toont mensen van verschillende sociale standen, van boer tot edelman, koning en kardinaal die allemaal hun dood tegemoet gaan. Het toont ook aspecten van het dagelijkse leven in de 16e eeuw. De klederdracht uit deze periode is herkenbaar” (Wikipedia).
Het schilderij ‘Triomf van de de Dood’.Het enige werk dat apocalyptisch is. Morbide. Sterke verticaliteit: galgen en galgenraden.
Probably after 1562 // Panel, 117 × 162 cm // Madrid, Museo Nacional del Prado, inv. no. P01393
Eén van de somberste schilderijen van Breugel met een kritsich perspectief op zijn tijd. Het werk wordt vaak besproken vanuit de metafoor: voor wie de doodsklok luidt. Geraamtes beheersen de wereld en verspreiden gruwel en paniek onder de mensen. We krijgen een apocalyptisch landschap te zien. Een reden om Breugel te vergelijken met Hieronymus Bosch (c. 1450 – 1516). We zien een massa mensen die vooruitgestuwd worden: niemand ontsnapt - los van leeftijd of stand – aan de dood. Een leger van geraamtes.
We zien twee geraamtes die de doodsklok luiden.
nBron (screenshots):
oorlog: Callot & Bruegel
In his Massacre of the Innocents, Brueghel the Elder transposed this biblical theme onto a Flemish village in order to condemn the cruelty of the Spanish occupation and the barbarous acts perpetrated by the marauding soldiers. Meanwhile, a series of etchings by Jacques Callot entitled The Miseries and Misfortunes of War (1633), was a means of the artist denouncing the ravages of the Thirty Years War in his native Lorraine. Other, later works would also denounce the burning, sacking and bombardment of towns and villages.
donderdag 7 januari 2021
Danse Macabre Holbein
"ziekte en dood in de schilderkunst"
West-Vlaanderen. Jaargang 9 · dbnl
https://www.dbnl.org/tekst/_vla016196001_01/_vla016196001_01_0125.php
Holbein was overigens een buitengewoon knap uitbeelder van het dode lichaam; dat blijkt uit zijn machtigste religieuze schepping ‘De dode Christus’ (1521) in de Öffentliche Kunstsammlung te Basel, een kunstwerk waarin hij de scherpe uitdrukkingskracht van een Grünewald heeft verbonden met de klare, heldere zeggingskracht van de Italianen. In een zelfde geest vinden wij ook recentere werken zoals de cyclussen ‘Auch ein Totentanz’ en ‘Der Tod als Freund’ van de Duitse etser en lithograaf Alfred Rethel (1816-1859). Nog in de tijd van het impressionisme komt de dood als een geraamte in de schilderij en staan. De Zwitserse schilder Arnold Böcklin (1827-1901), die veelal grote mythologische taferelen heeft nagelaten, heeft de dood zelfs in zijn nabijheid gewild in zijn eigen zelfportret. Een bijzondere rol heeft de dood, als geraamte gezien, wel gespeeld in anecdotische, sarcastische en infernale taferelen in het werk van James Ensor (1860-1949). Ensor heeft blijkbaar gaarne met geraamten omgegaan; de dood is bij hem de graaggenode gast, de ontmoeting die iedere dag kan gebeuren, de kameraad bijna, het bijna tot clowneske voorstelling aangeklede geraamte, de spotter die de relativiteitszin van de mensen aanscherpt en toch altijd meester blijft van het resultaat. En de Gentenaar Jules De Bruycker (1870-1945) heeft in zijn koperets ‘Het kleppen van de dood’ weer de triomf van de dood uitgebeeld, groots, machtig en niets ontziend.
vrijdag 3 juli 2020
Nevinson
zondag 10 mei 2020
Van Leusden
Van Leusden volgde zijn opleiding aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en de Rijksakademie in Amsterdam. Hij verwierf gedurende drie jaar de koninklijke subsidie voor jonge kunstenaars.
Hij was verbonden aan de Burgeravondschool waar hij tekenles aan jongens gaf.
In zijn vrije werk maakte hij een ontwikkeling door van realistisch, via abstracte schilderijen en meubelen die in de traditie van De Stijl passen, tot surrealistisch werk. Van Leusden bekwaamde zich ook in verschillende ets- en graveertechnieken. Met de kunstenaars Jopie Moesman en Willem Wagenaar vormde hij de kern van de groep surrealisten die in de periode 1930 tot 1950 in Utrecht actief waren. Ook was hij lid van het grafisch gezelschap De Luis.
In grafische vakkringen verwierf hij grote bekendheid door zijn onderzoek naar de grafische techniek van Hercules Seghers. Na lang aandringen publiceerde hij daarover in 1960 zijn bevindingen.
Willem van Leusden overleed in het Utrechtse ziekenhuis Oudenrijn.
Westelijke hoofdportaal van de gothische kathedraal in Reims
De ets REIMS (075, 076) (1916)
vrijdag 8 mei 2020
WO1: foto's
In 1915: een speciaal nummer van het Franse tijdschrift L'art et les Artistes: La Belgique héroique et martyre. (Burny 1995: 309).
E. Van Hamme, Ieper. (p. 13). Foto Archief Stedelijk Museum van Ieper.
zondag 3 mei 2020
A Book of Belgium's Gratitude
A book of Belgium's gratitude [comprising literary articles]
Lambotte, Paul, (1916) A book of Belgium's gratitude.
Literary editors: Émile Cammaerts and Henri Davignon. Translation editor: William J. Locke.
https://digital.wolfsonian.org/WOLF040258/00001
A book of Belgium's gratitude
Plate [22]: Magdalen College, Oxford / Jules de Bruycker
Plate [23]: Merton College, Oxford / Jules de Bruycker
Plate [22]: Magdalen College, Oxford / Jules de Bruycker
https://archive.org/details/abookbelgiumsgr00lambgoog/page/n398/mode/2up/search/De+Bruycker
Jules De Bruycker - Magdalen College Oxford Architecture 1916 Photogravure | #1733244346
https://www.worthpoint.com/worthopedia/jules-de-bruycker-magdalen-college-1733244346:
Single disbound illustration from a 1916 art book. Verso is blank Including margins the total size is approximately 7 1/4 x 9 3/4(measurements are approximate. Printed on ivory paper with faintly age toned margins.
vrijdag 1 mei 2020
Permeke
dinsdag 28 april 2020
Tentoonstelling: Arts War Relief
zaterdag 18 april 2020
Langui
woensdag 1 april 2020
Arthur Rackham
Arthur Rackham (1867 -1939) was een Engelse tekenaar, schilder en illustrator van boeken.
(bvb Dickens, Charles Lambs' Shakespeare voor kinderen etc.)
Arthur Rackham; Charles Dickens - A Christmas Carol - 1915 - Catawiki
<Tâchez de voir Rackham*”>.
VERWEY, Albert - Britsche balladen. Geïllustreerd door Arthur Rackham. Vertaling van
Albert Verwey. Amsterdam, Van Holkema & Warendorf, (1920), 4to, halflederen uitgeversband met goudopdruk, gekl. plaat gekleefd op voorplat, achterplat versierd in blinddruk met centraal drukkersmerk eveneens in blinddruk, gladde vergulde rug, onafgesneden, [10]-199-[1 bl.] pp. Zeer goed ex. € 120/180
Vertaling van “Some British ballads” (1919). Geïllustreerd met 16 platen in kleur (incl. 1 op
omslag). Titelvignet en talrijke vignetten in de tekst. Oplage van 550 genum. ex. (n. 247). Ref. KB Den Haag (17 pl.).
Bijgevoegd: Wagner, R. - De Walkure. Eerste dag van de trilogie De Ring van den Neveling.
Metrische vertaling van Willem Kloos. Illustraties van Arthur Rackham. Amst., Van Holkema & Warendorf, 1911, 4to, lederen uitgeversband met uitgebreide goudopdruk, achterplat versierd met blinddruk en centraal drukkersmerk eveneens in blinddruk, mooi versierde vergulde rug,
sierpapieren schutbladen, onafgesneden ex. op handgeschept papier, étui, 97-[3 bl.] pp. (enkele marg. roestvlekjes). Mooi ex. Met 17 fraaie gekleurde platen van Arthur Rackham. Zwart/wit tekstillustraties. Rode grenslijnen. Beperkte genum. oplage (nr. 208). Ex libris op schutblad Van Benthem & Jutting. (2 vol.)
zaterdag 22 februari 2020
maandag 3 februari 2020
Jean De Bosschère
Jean De Bosschère(1878-1953)
(later geschreven als De Boschère)
een Belgisch dichter, essayist, romanschrijver, schilder, boekillustrator en kunstcriticus”.
Stephen Goddard:
The Belgian enthusiasm for the Flemish Renaissance serves to introduce Jean de Bosschère, one of De Bruycker's critics, who also left Belgium to wait out the war years, primarily in London. De Bosschère had many talents: he was an author and critic who spent his later years in Paris in the circle of Antonin Artaud nd André Saurés; he was a talented artist who illustrated many of his own literary texts in styles that can be loosely associated with the graphic art of Aubrey Beardsley (fig. 16) and later the surrealists; he was an intimate and important correspondent with Belgian poet Max Elskamp; and, what is germane to this discussion, he authored several early texts on various aspects of fifteenth and sixteenth-century Flemish painting and sculpture.74
These include a monograph on the Antwerp Renaissance painter Quentin Metsys
(1907), one of the first studies of Renaissance sculpture in Antwerp (1909), and a long article on Bruegel and "our taste in painting" for the Parisian review L'occident (1913).75 De Bosschère reviewed De Bruycker's works in two wartime group exhibitions in London and he penned a longer article on the artist in 1918.76
At this time De Bosschère was still fairly steeped in a Walter Pater-like estheticism. He took pleasure in describing the etcher's trade as resembling that of a tinker and he evoked the French etcher Charles Cotett's description of biting the plate as "delectable cookery! [cuisine delectable!]." De Bosschère conjures up an image of the etcher as a sort of necromancer, lost to the real world "like those who seek the philosopher's stone."77
Without making reference to Bosch or Bruegel ("great names cast a shadow," De Bosschère notes), De Bosschère finds in De Bruycker a remarkable visionary, especially in the great wartime prints such as Weer klepte de Dood over Vlaanderenland and Kultur! (cat. 19, 20), and not simply someone who makes clever use of the fantastic.
Although De Bosschère nowhere spouts a nationalistic or fervently Flemish phrase (he was, after all, francophone, despite his upbringing in Lier, near Antwerp), it is significant that during his wartime stay in London he produced his lovely books, Christmas Tales of Flanders (1917) and Beasts and Men (1918, a collection of Flemish folk tales).78
Both works were extensively illustrated by the author. As with De Bruycker, De
Bosschère's drawings have been related to the spirit of Ulenspiegel, and described as satirical and grotesque.79 Although we do not know exactly what works De Bruycker refers to (probably the illustrations for the two books of Flemish tales), we know that he admired De Bosschère's watercolors when he saw them later in an exhibition in London. He described them as "extraordinarily interesting. Flemish proverbs and tales so nicely interpreted!"80 While in general their careers are highly dissimilar, during the war years De Bruycker and his critic De Bosschère had a brief convergence in which they mustered strength and working material by evoking their cultural heritage in the face of war.
Stephen Goddard
zondag 17 maart 2019
Portret JDB
Bonnel vertelt over een bezoek van een Duitser in brugerkleren. De direkteur van het Berlijn Museum die zijn werk wou zien maar hem ook tekenen. Bonnel schrijft: “Ik vraag me af: wat is er van die tekening geworden?” (1956: 646).
Ik denk dus dat ik die tekening gevonden heb in het boek
Up Weddersehen van Otto Engelhardt-Kyffhäuser (1884- 1965). Verder denk ik dat niemand dit boek eerder geraadpleegd heeft bij het schrijven over JDB. John heeft een exemplaar.
- Huidige toeschrijving
-
Otto Engelhardt-Kyffhäuser (1884- 1965)
Nederland 1939 - 1945oorlogsschilderBelgië 1939 - 1945oorlogsschilder
- Datering
- ca. 1940 (1940)
Otto Engelhardt-Kyffhäuser – Wikipedia
Zeit des NS-Regimes
Er trat in die NSDAP und SS ein, arrangierte sich mit der zeitgenössischen Progapandabedürfnissen, zeichnete zahlreiche Kriegsbilder und porträtierte mehrere nationalsozialistische Größen. Im Januar 1940 begleitete Engelhardt-Kyffhäuser auf Wunsch Himmlers einen Treck von Volksdeutschen. Diese wurden aus Galizien und Wolhynien, die zum sowjetisch annektierten Ost-Polen gehörten, in den Warthegau umgesiedelt. Um hier Ansiedlungsplatz zu schaffen, waren zuvor 120.000 Polen deportiert worden. Engelhardt-Kyffhäuser dokumentierte die Fahrt durch zahlreiche Skizzen und Zeichnungen, welche am 30. März 1940 in Berlin ausgestellt und im gleichen Jahr als Buch veröffentlicht wurden. Engelhardt-Kyffhäuser gab „Das Buch vom großen Treck“ zusammen mit Alfred Karasek, dem Gebietsbevollmächtigten im Umsiedlungsstab, und Heinrich Kurtz vom Krakauer Amt des Generalgouverneurs heraus. Ein Geleitwort steuerte der SS-Obergruppenführer Werner Lorenz bei. Die Bilder dienten als Vorlage für den NS-Propagandafilm „Heimkehr“ von Gustav Ucicky, dessen Entstehung Engelhardt-Kyffhäuser zudem dokumentierte. Der Film inspirierte ihn wiederum zu weiteren Bildern.
https://rkd.nl/nl/explore/images/record?query=JUles+de+Bruycker&start=0
Standplaats afbeelding
BD/Digital Collection (afb.nr. 0001534423)
- Schilderij van Otto EK:
- Otto Engelhardt-Kyffhäuser - Wikiwand
Er trat in die NSDAP und SS ein, arrangierte sich mit der zeitgenössischen Progapandabedürfnissen, zeichnete zahlreiche Kriegsbilder und porträtierte mehrere nationalsozialistische Größen. Im Januar 1940 begleitete Engelhardt-Kyffhäuser auf Wunsch Himmlers einen Treck von Volksdeutschen.
-
J.D.B. 189 L'EGLISE ST.SEVERIN PARIS 1925 H 210-B 160 L.R.127 J.D.B. 189A L'EGLISE ST.SEVERIN PARIS 1925 H 210-B 160 L.R...
-
https://www.artland.com/exhibitions/war-works-cbcl5lplr9ks725ubbg0 On the occasion of the death and destruction caused by the war in Ukr...
-
Zie ets van JDB in Rouen. Turner Turner worked gouache and watercolour paints over this ink drawing to depict the fourteenth-cen...



n
n





































