Posts tonen met het label Wereldtentoonstelling. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wereldtentoonstelling. Alle posts tonen

dinsdag 14 april 2020

Marcel Wyseur


 
Marcel WYSEUR
Brief aan Jules De Bruycker    17/8/31                                         (sic)
Bruges 17 Aout 34                      (waterstempel  WS)
Mon cher monsieur De Bruycker.


Vous me voyez tout désolé d’apprendre que vous étiez à Strasbourg, alors que je m’y trouvais moi-même, et que nous l’ ignorions réciproquement. J’aurais été heureux de vous y rencontrer et, en terre d’ Alsace, faire un îlot de Flandre. Combien je vous plains d’avoir dû plier vos chevalets après quelque jours, et d’avoir dû rentrer, malade, à Gand.

Hélas ! Notre sort n’est guère digne d’envie, et, si moi-même, je vais là-bas, au diable vauvert, c’est pour essayer qu’ on radoube ma vieillie carcasse qui, chaque jour, se décharme un peu plus ! Je finira par ne plus être qu’ un courant d’air…

Je pars pour les là-bas - 4eme voyage en un ans de temps ! - au début du mois de septembre, mais ce sera pour me voir mettre en clinique, pendant plusieurs semaines, à la Robertsau.
Pour gouverne, le professeur Leriche a quitté depuis un an la Faculté de médicine, de l’ université. Il est professeur actuellement à Lyon.
Je devais aller le voir pour mon pied malade, et c’est en me renseignant, au mois d’août de l’ été passer, que j’ai appris son départ. Je me suis mis entre les mains, étant pour la patte que pour le ventre, du docteur Joseph Weill*, chef de la policlinique de l’ hôpital civil (Médicale B), dont le moins que je puis-je dire est que, littéralement, il est le ter - re - reur de mon état, comme il le fut d’ailleurs antérieurement pour d’autres amis qui me l’ avaient conseillé. En toute honnêteté je puis vous conseiller de l’aller voir et, si vous voulez, je me tiens à votre entière disposition pour vous faciliter toutes choses. Ne sommes- nous pas là pour nous entre - aider, et plus particulièrement entre artistes et malades ?

Je pourrais vous raconter beaucoup de choses sur Strasbourg et le caractère scientifique pour des méthodes qu’ on y emploie, mais ce serait une petite volume à vous écrire, et c’est du coup que vous nommeriez la prolixité de ma ptose. Bref, assez de moi pour tout ce que vous croirez : je serai heureux de me mettre à votre disposition. Pourquoi ne viendriez-vous pas me retrouver vers le 8 ou 10 septembre ? Je vous préparerais , sur place, les voies. Depuis toujours j’ai aimé l’artiste que vous êtes ; depuis que je vous connais - et cependant je ne vous ai vu qu’une fois, mais elle a suffi - l’ homme m’ est devenu très cher. Et voilà pourquoi, tout si simplement, je vous serre la main, mon cher De Bruycker, de tout mon cœur.

Marcel Wyseur




Marcel Wyseur (1886-1952) werd doctor in de rechten (1910) en secretaris van het algemeen bestuur van de Wereldtentoonstelling van 1913 in Gent.

Deze boezemvriend van Michel de Ghelderode publiceerde talrijke bundels met gedichten die hoofdzakelijk aan Brugge en Vlaanderen gewijd waren. Wyseur was ook bevriend met Emile Verhaeren (die een voorwoord schreef voor zijn bundel 'La Flandre rouge') .
De Ghelderode nam Wyseur als model voor het hoofdpersonnage in zijn roman L'homme à la moustache d'or.


PS uit Julie Van Goethem,
L’AFFICHE FAIT LA FORCE!DE KUNSTAFFICHES VANDE BELGISCHE WERELDTENTOONSTELLINGEN (1885-1913) 

https://lib.ugent.be/fulltxt/RUG01/002/789/937/RUG01-002789937_2019_0001_AC.pdf

Voor de Wereldtentoonstelling van1913 te Gent werd er een publiciteitscommissie opgestart die onder het goede oog van Joseph Casier stond (1852-1925; fig.28). Hij werd gesteund in zijntaken door Marcel Wyseur, Joseph Mortier en Thierry.138 De wedstrijd die begin 1911 georganiseerd werd, mondde uit in 120 ingezonden ontwerpen. Deze ontwerpen werden gedurende de drie dagen van carnaval, vanaf 26 februari tot en met 28 februari 1911, tentoongesteld in de Handelsbeurs voor het grote publiek. Op 25 februari 1911 kwam een jury, samengesteld uit “Gentse artiesten” samen onder leiding van Joseph Casier.13

PS


*René Leriche, né le 12 octobre 1879 à Roanne (Loire) et mort le 28 décembre 1955 à Cassis (Bouches-du-Rhône), est un chirurgien et physiologiste français.
Spécialiste de la douleur, de la chirurgie vasculaire et du tronc sympathique. Sensibilisé par les nombreux mutilés de la Première Guerre mondiale, il est l'un des premiers à s'intéresser à la douleur et à mettre en pratique une chirurgie douce, économe en sang et aussi peu traumatisante que possible. Deux syndromes portent son nom, l'algoneurodystrophie et l'oblitération aorto-iliaque. Il a formé de nombreux élèves dont notamment Michael E. DeBakey, João Cid dos Santos, René Fontaine et Jean Kunlin.
*Joseph Weill (Bouxwiller, Bas-Rhin, 3 juillet 1902 - Montfaucon, Doubs, 11 mars 1988)1,2,3 est un médecin français qui a un rôle important dans la Résistance. Il est le fils cadet d'Ernest Weill, grand-rabbin de Colmar et du Haut-Rhin.
l fait ses études de médecine à Strasbourg et devient chef de clinique du professeur Léon Blum. Il pense faire une carrière hospitalo-universitaire mais y renonce quand Léon Blum décède prématurément. Son successeur est connu comme n'étant pas un philosémite.
Il pratique comme médecin dans le centre de Strasbourg, d'abord rue des Serruriers, puis place de l'Université.



vrijdag 3 april 2020

Chabot: Wereldtenoonstelling


Chabot vraagt zich af: “Welke was nu de artistieke verwantschap bij De Bruycker? Onder de meesters van de ets heeft hij vooral Forain, Andres Zorn en Brangwyn bestudeerd. “Hij had  hun grote werken gezien in de tentoonstelling van Gent” (Chabot, p. 115).
 
Over de Wereldtentoonstelling:

Dietsche Warande en Belfort. Jaargang 1913 · dbnl


"In Frankrijk hing al het beste bijeen, (trouwens op de heele tentoonstelling bleek die voorliefde van de Belgen voor Frankrijk?) Daardoor en door de groote massa goed geplaatst, maakte Frankrijk vooral zoo 'n overweldigender indruk. De beste namen waren er: Cottet, de Sidaner, Vuillard, Besnard, met een serie mooie, decoratieve paneelen, Forain, Steinlen, Bonnat, enz.  “

"In England was vooral mooi de inzending van de Sennefelder Club*, de prachte etsen van Frank Brangwyn (niet in de Schoone Kunsten, maar in de Engelsche afdeeling zelf) een paar mooie portretten van the right Hon. Lord Cuthrie van Watt en Phil."

*Senefelder Club - Wikipedia


"The Senefelder Club is an organization formed in London in 1909 to promote the craft of art reproduction by the process of lithography "

Zie verder in het artikel over Baertsoen...

woensdag 26 februari 2020

Wereldtentoonstelling

Feesten en evenementen Paleis voor schone kunsten | Gent 1913
https://gent1913.eu/feesten-en-evenementen/feesten-en-evenementen-paleis-voor-schone-kunsten/


zondag 2 februari 2020

Wereldtentoonstelling; Buysse en Van de Woestijne

Cyriel Buysse schrijft in zijn dagboek over de Wereldtentoonstelling dat de stad artificieel in leven roept wat de stad eigenlijk al bezat “in werkelijkheid, en hoeveel mooier en rijker en overvloediger, dan wat nu vertoond wordt!”.

Wat er stond was op zichzelf “de mooiste van alle antiquiteits-tentoonstelling”.
‘Oud-Vlaanderen’op de wereldtentoonstelling te Gent’ in zijn dagboek ‘zomerdagboek ’Zomerleven(40)(1915)


Ook Karel van de Woestijne ventileert zijn kritiek op “lamentabel ledige tentoonstelling” (1913) die hij beschrijft als een vlucht naar een droomverleden. Vernieuwzucht gaat voor hem samen met vernielzucht.



Van de Woestijne, Karel (1913), 'Het laatste bezoek’. Deel 6. Nieuwe Rotterdamsche Courant januari 1913 - november 1913. Verzameld journalistiek werk. Deel 6.

https://www.dbnl.org/tekst/woes002verz17_01/woes002verz17_01_0114.php



Karel van de Woestijne suggereert een alternatieve wandeling bij het bezoek aan de Wereldtentoonstelling: “Bezoekt dus eerst in Gent het Gravenkasteel en heel de sombere wijk die er onder schuilgaat..”


Het lijkt erop alsof JDB dat Gent getekend heeft waar zowel Buysse als Van de Woestijne het over hebben: met aandacht voor de schoonheid van de ruïnes en vergeten plekken die niet op de toeristische route staan. Het authentieke Gent.

Wereldtentoonstelling




Het Ypersche Volk

2 augustus 1913




" Vlamingen weest het indachtig: de tentoonstelling van Gent is gericht tegen uw bestaan als Vlaamsche Volk. Weer dan, te handelen zoals het Vlamingen moeten. "

maandag 6 augustus 2018

Brangwyn


Brangwyn 1926




Frank Brangwyn, Artist - YouTube


Frank Brangwyn 'Art? It's Just A Job' feature film - YouTube


In het Engelse paviljoen van de Wereldtentoonstelling is een plek ontworpen en gedecoreerd door de Britse kunstenaar Frank Brangwyn (in Brugge geboren, 1867-1956).

https://www.dbnl.org/tekst/_vla016200201_01/_vla016200201_01_0017.php

"Ook bij de versiering van de leeszaal voor de Britse afdeling van de wereldtentoonstelling in Gent in 1913 verzorgde Brangwyn zowel de armstoelen, het tapijt en de modernistische tafel als de muurschilderingen die het harde leven van de havenarbeiders en dokwerkers illustreren."
(https://www.dbnl.org/tekst/_vla016200201_01/_vla016200201_01_0017.php). 






JDB wordt gefascineerd en beïnvloed door het werk van Brangwyn (het grote formaat, de contrasten tussen licht en donker en de bijzondere aandacht voor het lijnenspel in het etsen). Een jaar later zal hij Brangwyn ontmoeten in Londen. 

Ik vond uit 1906 een ets van Frank Brangwyn,  Old houses, Ghent (1906):



De Graslei in spiegelbeeld: het Cooremetershuis staat hier rechts van huis van de Vrije Schippers, in werkelijkheid staat er het links van. Men ziet ook het postgebouw dat gebouwd werd tussen 1900 en 1908 (gebruiksklaar in 1913). In 1906 waren de werken dus nog aan de gang (bijvoorbeeld de toren is nog niet afgewerkt en concreet is de torenklok nog niet gemoneerd in de ronde opening) (LDV). 

Zie de tentoonstelling: "in de voetsporen van Frank Brangwyn en Jules de Bruycker" (Brugge)

IDe kunstenaars Jules de Bruycker en Frank Brangwyn geven ons een boeiend beeld van het leven rond de jaren 1900, in de tentoonstelling in het Arentshuis. Naast de sfeer van de industriële vooruitgang schetsen ze ook de keerzijde van de medaille, namelijk de schrijnende armoede.

Op een drietal bekende en onbekende plekken in de buurt van het Arentshuis brengen we een beeld van deze jaren 1900 met het verhaal van de toenemende “vooruitgang” op economisch en cultureel vlak . We staan echter ook uitdrukkelijk stil bij de littekens van de enorme armoede in dezelfde periode en het verzet daartegen.

We verlengen onze wandeling in het Arentshuis waar we deze boeiende jaren 1900 door de bril van beide kunstenaars kunnen bewonderen. 



PS

Het gildehuis van de Vrije Schippers

Het gildehuis van de Vrije Schippers is een van de best bewaarde gildehuizen aan de Graslei in Gent. De gilde van de Vrije Schippers kocht het pand in 1530.
Vrije schippers waren schippers die op alle waterwegen van het graafschap Vlaanderen mochten varen, inclusief de Gentse binnenwateren. De onvrije schippers moesten aan de stadsgrenzen hun vracht overladen.
In 2011 kocht het havenbedrijf North Sea Port het gebouw om er een representatiehuis van te maken. Zij herbestemden het pand tot werkplek en vergaderruimte. De hal en het aanpalend salon zijn publiek toegankelijk. Het bureau Callebaut-architecten leidde de werken.

Uit het juryrapport: “Bij het restauratieproject van het gildehuis van de Vrije Schippers zijn oud en nieuw volledig in balans gebracht. Het monument is volledig gerestaureerd en herbestemd met een groot respect voor de verschillende historische lagen. Alle verdiepingen hebben een nieuwe functie gekregen. Elementen met erfgoedwaarden werden in situ behouden en nauwgezet gerestaureerd. Voor de technische en sanitaire voorzieningen is een nieuw volume toegevoegd achter in het gebouw, volledig los en demonteerbaar van de historische constructie. Ook alle andere ingrepen aan het gebouw zijn reversibel ontworpen en uitgevoerd. Hierdoor kan het gildehuis zich in de toekomst gemakkelijk aanpassen aan nieuwe noden.
Als levend monument geeft het herbestemde gildehuis een belangrijk verhaal uit de lokale geschiedenis een gezicht. De prachtig herstelde muurschilderingen vertellen meer over het historische belang en gebruik van het gebouw.”




Zie ook in het Rijsmuseum:







Boten op een gracht in Gent, Sir Frank Brangwyn, 1924
etching, h 147mm × w 118mm More details
© erven Sir Frank Brangwyn 



Etude for etching "Unloading bricks, Gent."
Graphics, 1921

n


 PS

Daarnaast dient vermeld dat Brangwyn ondertussen ook een reputatie krijgt in de wereld van de grafiek. Ook in België wordt zijn werk gewaardeerd zoals blijkt uit het de lof die Emile Verhaeren heeft voor de etsen 
Uit 1912 had tentoongesteld bij Durand Ruel in Parijs. Later zal Brangwyn trouwens werken van Verhaeren illusterren (zie Les Villes Tentaculaires’ en ‘Les Campagnes Hallucinées’ die Brangwyn van expressieve houtsneden en litho's voorzag.

De stadsgezichten die Brangwyn tekent (in etsen en lithografieën) worden geïnspireerd door zijn vele reizen, waarbij hij weinig of geen aandacht besteedt aan de toeristische gebouwen, maar de des te meer aandacht besteed aan de opkomende industrie en de sociale ongeljkheid die hiermee gepaard gaat (in de lijn van Charles De Groux en Constantin Meunier). Naast de architectuur besteedt hij aandacht aan de armen, de ambachtslieden etc. 

PS






Brangwyn-Museum te Brugge  (1932).

door R. W. P. de Vries Jr. Zie: Delpher.

"Het is suggestief werk van dezen Engelschen Belg, en hoewel hij nu eens aan Meunier, dan weer aan De Bruycker, dan aan Bauer en langs dezen heen aan Rembrandt doet denken, blijft hij toch steeds Brangwyn zelf, die wij uit duizend anderen zouden kunnen herkennen. Hij heeft een eigen stijl, een eigen visie, een eigen voordracht en deze is forsch, sterk en grootsch."

Frank Brangwyn | A Titan of Etching | Discover Goldmark
https://discover.goldmarkart.com/frank-
brangwyn/
zie voorkeur van werken van Brangwyn

Station