Posts tonen met het label Verhaeren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Verhaeren. Alle posts tonen

maandag 24 februari 2020

Verhaeren

  zie: J.D.B. 189 L'EGLISE ST.SEVERIN PARIS 1925

 

 

Informations :

  • Sculpteur 1: SCHROEVENS
  • Architecte: OLLIVIER
  • Adresse ou lieu-dit: square Saint-Séverin
  • Code postal (en France): 75005
  • Localité: Paris
  • Département: 75 - Paris
  • Région: Ile-de-France
  • Pays: France
  • Continent: Europe
  • Matériau: Bronze
  • Type d'oeuvre: Monuments aux grands hommes
  • Morphologie: buste
  • Année: 1927
  • Titulaire(s) et droits sur les photos: Musée d'Orsay, Fonds Debuisson
1925 : demande d’emplacement formulée par le comité pour l’érection d’un monument à Verhaeren . Le buste est un don à la ville de Paris, qu’accepte le conseil municipal. L’oeuvre est conservée dans les collections artistiques de la ville en attendant d’être placée. En août, le comité propose de placer le buste dans le parc Monceau, en pendant du buste de Maupassant. 1926 : L’administration des Beaux-Arts mène alors une étude. Le service d’architecture est chargé de réaliser une autre étude car il y a trop d’oeuvres au parc Monceau. De plus, d’après les photographies, le buste semble devoir être installé devant un mur. Le square Monge semble répondre à ces exigences. La cité universitaire paraît également convenir. Une autre idée est proposée : le square Constatin-Pecqueur. Finalement, en octobre, après de longues réflexions, le square Saint-Séverin apparaît au ‘comité Technique et d’Esthétique’ et au conseil municipal comme l’endroit le plus approprié. Une lettre du président du comité à Verhaeren indique qu’une fête pour le dixième anniversaire de la mort du poète est prévue le 27 novembre. 1927 : le 7 février, le décret d’hommage public est proclamé. Le 10 novembre, le monument est inauguré en présence d’un représentant du roi de Belgique et d’Herriot, ministre de l’Instruction publique. Pendant la seconde guerre mondiale, le buste est déboulonné par les allemands. Puis, il est de nouveau installé.



Verhaegen: heraut van moderne tijden. 

Verhaegen ging Baudelaire achterna. Zoals Le spleen de Londres.

 

Woede tegen de machten, het kapitaal, de kerk, de koning.

Verhaegen: Dit is de stad van het leed. 

 

Vertaald door Boenders.

 

Behoorde tot de Vlamingen die in het Frans schreven. 

 

Frans was de uitweg of vluchtweg naar het buitenland. 


Tien gedichten van Emile Verhaeren heeft u vertaald? Waarom precies die tien? Boenders: Zo'n jaar of acht geleden was er in Antwerpen een tentoonstelling over het anarchisme in België. Daar ontdekte ik dat Emile Verhaeren in de jaren 1880-1890 een aantal anarchistische gedichten had geschreven. Het was een deel van zijn werk dat ik voorheen niet kende en dat mij uitermate boeide. Het waren die gedichten die ik onder handen wilde nemen.

Hoe moeilijk was het om die gedichten te vertalen? Boenders: Best wel moeilijk. Net zoals andere Vlaamse dichters uit die tijd - ik noem bijvoorbeeld Maeterlinck en Georges Rodenbach - schreef Emile Verhaeren uitsluitend in het Frans. Die Vlaamse dichters wilden het absoluut maken in Parijs en probeerden indruk te maken met Franse woorden die zelfs Franse auteurs zelden of nooit gebruikten, woorden die in onbruik waren geraakt of experimentele termen. Dat maakte deze vertalingen voor mij tot een ware uitdaging. In de vertalingen probeer ik getrouw de sfeer van elk gedicht, inhoudelijk zowel als vormelijk, weer te geven. Ook de formele kwaliteiten van het gedicht zoals het rijmschema, de lengte van de versregels en de klankkleur moesten zo goed mogelijk behouden blijven. Ik wilde dat in mijn Nederlandse vertalingen het verlangen zou doorklinken naar het uur waarop de uitzuigende bourgeoisie in de kou zou komen te staan, net zoals Verhaeren het destijds bedoelde.



maandag 6 augustus 2018

Brangwyn


Brangwyn 1926




Frank Brangwyn, Artist - YouTube


Frank Brangwyn 'Art? It's Just A Job' feature film - YouTube


In het Engelse paviljoen van de Wereldtentoonstelling is een plek ontworpen en gedecoreerd door de Britse kunstenaar Frank Brangwyn (in Brugge geboren, 1867-1956).

https://www.dbnl.org/tekst/_vla016200201_01/_vla016200201_01_0017.php

"Ook bij de versiering van de leeszaal voor de Britse afdeling van de wereldtentoonstelling in Gent in 1913 verzorgde Brangwyn zowel de armstoelen, het tapijt en de modernistische tafel als de muurschilderingen die het harde leven van de havenarbeiders en dokwerkers illustreren."
(https://www.dbnl.org/tekst/_vla016200201_01/_vla016200201_01_0017.php). 






JDB wordt gefascineerd en beïnvloed door het werk van Brangwyn (het grote formaat, de contrasten tussen licht en donker en de bijzondere aandacht voor het lijnenspel in het etsen). Een jaar later zal hij Brangwyn ontmoeten in Londen. 

Ik vond uit 1906 een ets van Frank Brangwyn,  Old houses, Ghent (1906):



De Graslei in spiegelbeeld: het Cooremetershuis staat hier rechts van huis van de Vrije Schippers, in werkelijkheid staat er het links van. Men ziet ook het postgebouw dat gebouwd werd tussen 1900 en 1908 (gebruiksklaar in 1913). In 1906 waren de werken dus nog aan de gang (bijvoorbeeld de toren is nog niet afgewerkt en concreet is de torenklok nog niet gemoneerd in de ronde opening) (LDV). 

Zie de tentoonstelling: "in de voetsporen van Frank Brangwyn en Jules de Bruycker" (Brugge)

IDe kunstenaars Jules de Bruycker en Frank Brangwyn geven ons een boeiend beeld van het leven rond de jaren 1900, in de tentoonstelling in het Arentshuis. Naast de sfeer van de industriële vooruitgang schetsen ze ook de keerzijde van de medaille, namelijk de schrijnende armoede.

Op een drietal bekende en onbekende plekken in de buurt van het Arentshuis brengen we een beeld van deze jaren 1900 met het verhaal van de toenemende “vooruitgang” op economisch en cultureel vlak . We staan echter ook uitdrukkelijk stil bij de littekens van de enorme armoede in dezelfde periode en het verzet daartegen.

We verlengen onze wandeling in het Arentshuis waar we deze boeiende jaren 1900 door de bril van beide kunstenaars kunnen bewonderen. 



PS

Het gildehuis van de Vrije Schippers

Het gildehuis van de Vrije Schippers is een van de best bewaarde gildehuizen aan de Graslei in Gent. De gilde van de Vrije Schippers kocht het pand in 1530.
Vrije schippers waren schippers die op alle waterwegen van het graafschap Vlaanderen mochten varen, inclusief de Gentse binnenwateren. De onvrije schippers moesten aan de stadsgrenzen hun vracht overladen.
In 2011 kocht het havenbedrijf North Sea Port het gebouw om er een representatiehuis van te maken. Zij herbestemden het pand tot werkplek en vergaderruimte. De hal en het aanpalend salon zijn publiek toegankelijk. Het bureau Callebaut-architecten leidde de werken.

Uit het juryrapport: “Bij het restauratieproject van het gildehuis van de Vrije Schippers zijn oud en nieuw volledig in balans gebracht. Het monument is volledig gerestaureerd en herbestemd met een groot respect voor de verschillende historische lagen. Alle verdiepingen hebben een nieuwe functie gekregen. Elementen met erfgoedwaarden werden in situ behouden en nauwgezet gerestaureerd. Voor de technische en sanitaire voorzieningen is een nieuw volume toegevoegd achter in het gebouw, volledig los en demonteerbaar van de historische constructie. Ook alle andere ingrepen aan het gebouw zijn reversibel ontworpen en uitgevoerd. Hierdoor kan het gildehuis zich in de toekomst gemakkelijk aanpassen aan nieuwe noden.
Als levend monument geeft het herbestemde gildehuis een belangrijk verhaal uit de lokale geschiedenis een gezicht. De prachtig herstelde muurschilderingen vertellen meer over het historische belang en gebruik van het gebouw.”




Zie ook in het Rijsmuseum:







Boten op een gracht in Gent, Sir Frank Brangwyn, 1924
etching, h 147mm × w 118mm More details
© erven Sir Frank Brangwyn 



Etude for etching "Unloading bricks, Gent."
Graphics, 1921

n


 PS

Daarnaast dient vermeld dat Brangwyn ondertussen ook een reputatie krijgt in de wereld van de grafiek. Ook in België wordt zijn werk gewaardeerd zoals blijkt uit het de lof die Emile Verhaeren heeft voor de etsen 
Uit 1912 had tentoongesteld bij Durand Ruel in Parijs. Later zal Brangwyn trouwens werken van Verhaeren illusterren (zie Les Villes Tentaculaires’ en ‘Les Campagnes Hallucinées’ die Brangwyn van expressieve houtsneden en litho's voorzag.

De stadsgezichten die Brangwyn tekent (in etsen en lithografieën) worden geïnspireerd door zijn vele reizen, waarbij hij weinig of geen aandacht besteedt aan de toeristische gebouwen, maar de des te meer aandacht besteed aan de opkomende industrie en de sociale ongeljkheid die hiermee gepaard gaat (in de lijn van Charles De Groux en Constantin Meunier). Naast de architectuur besteedt hij aandacht aan de armen, de ambachtslieden etc. 

PS






Brangwyn-Museum te Brugge  (1932).

door R. W. P. de Vries Jr. Zie: Delpher.

"Het is suggestief werk van dezen Engelschen Belg, en hoewel hij nu eens aan Meunier, dan weer aan De Bruycker, dan aan Bauer en langs dezen heen aan Rembrandt doet denken, blijft hij toch steeds Brangwyn zelf, die wij uit duizend anderen zouden kunnen herkennen. Hij heeft een eigen stijl, een eigen visie, een eigen voordracht en deze is forsch, sterk en grootsch."

Frank Brangwyn | A Titan of Etching | Discover Goldmark
https://discover.goldmarkart.com/frank-
brangwyn/
zie voorkeur van werken van Brangwyn

Station